EPBD IV geldt nu: moet jouw gebouw laadpalen krijgen?

Elektrische bestelbus aan de laadpaal

Sinds 29 mei 2026 geldt in Nederland EPBD IV, de vernieuwde Europese gebouwenrichtlijn. Voor veel gebouweigenaren en wagenparkbeheerders betekent dit een verplichting die er eerder niet was: laadinfrastructuur bij je gebouw. De klok tikt en toch weet nog lang niet iedereen voor welke situatie het van toepassing is.

Voor RVO schreef ik vanuit it’s electric de landelijke handreiking hierover. Hieronder leg ik in gewone taal uit wat er verandert en vooral: welke actie je moet ondernemen.

Wat verandert er met EPBD IV?

EPBD IV is in Nederland verwerkt in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Het scherpt de eerdere regels aan: strengere eisen aan bedrijfspanden en woongebouwen, nieuwe drempelwaarden en slim laden. Kort gezegd: bij nieuwbouw, ingrijpende renovatie en zelfs bij bestaande bedrijfspanden komen er eisen aan laadpunten en aan de bekabeling.

Geldt het voor jouw gebouw?

Drie dingen bepalen dat samen:

  • Het type gebouw: kantoor, bedrijfspand, woongebouw of overheidsgebouw.
  • De situatie: nieuwbouw, ingrijpende renovatie of bestaande bouw.
  • Het aantal parkeerplaatsen dat bij het gebouw hoort.

Een paar voorbeelden om het concreet te maken:

  • Kantoren: hiervoor gelden strenger eisen en geldt 1 laadpunt per 2 parkeerplaatsen.
  • Nieuw of ingrijpend gerenoveerd bedrijfspand met meer dan 5 parkeerplaatsen: minimaal 1 laadpunt per 5 plaatsen, plus voorbekabeling voor tenminste de helft van de plaatsen.
  • Bestaand bedrijfspand met meer dan 20 parkeerplaatsen: vanaf 1 januari 2027 minimaal 1 laadpunt per 10 plaatsen (of leidingdoorvoeren voor de helft), geschikt voor slim laden.

Let op: dit zijn minimale eisen en het bevoegd gezag (meestal de gemeente) beoordeelt per situatie. Twijfel je: it’s electric zoekt het voor je uit!

De laadpaal is je kleinste probleem!

In de praktijk struikelt bijna niemand over de laadpaal zelf. De echte bottleneck is de netaansluiting. Veel bedrijven of gebouwen zitten aan de grenzen van netcongestie maar dit ontslaat je niet van de verplichtingen uit de EPBD IV.

Met slim laden, zoals Dynamic Load Balancing, verdeel je het beschikbare vermogen over je laadpunten op basis van wat er op dat moment nodig is. Zo laad je vaak veel meer op je bestaande aansluiting dan je denkt, zonder een dure netverzwaring. Combineer dat met zonnepanelen of opslag en er kan nog meer. Slim laden is onder EPBD IV trouwens geen keuze, maar verplicht en juist dat is in de praktijk je redding bij een krappe aansluiting.

Slim in plaats van duur.

Laadinfra los aanleggen omdat het “moet”, is de duurste route. De goedkoopste route koppelt de verplichting aan je bredere plan:

  • Combineer het met de elektrificatie van je wagenpark zodat de investering ergens voor dient in plaats van het voldoen aan een verplichting.
  • Doe bij nieuwbouw meteen meer dan het minimum. Voorbekabeling nu is bijna altijd goedkoper dan later openbreken.
  • Benut subsidies. Voor private laadinfra bij bedrijven bestaat bijvoorbeeld SPRILA (vanaf 4 laadpunten, inclusief laden op eigen terrein). Budgetten zijn beperkt, dus op tijd aanvragen is belangrijk.

Wat ik voor je doe:

Ik vertaal de EPBD IV naar jouw situatie: valt je gebouw eronder, hoeveel laadpunten heb je nodig, past dat op je netaansluiting en welke subsidie past erbij? Van de eerste toets tot een plan dat klopt en zichzelf terugverdient.

Ik adviseer je graag, dus neem vooral contact met mij op als je vragen hebt.

Dit artikel is bedoeld als algemene voorlichting, geen juridisch advies. Het bevoegd gezag beoordeelt per situatie; voor de exacte tekst geldt het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl).

Deel dit bericht:
nl_NL